Toelichting op de enkelvoudige Balans per 31 december 2025
Activa
Materiële vaste activa
|
1.1.2 |
1.1.2.1 |
1.1.2.2 |
1.1.2.3 |
1.1.2.5 |
1.1.2.6 |
||
|
Materiële vaste activa (M€) |
Gebouwen en grond |
Terreinen |
Inventaris en apparatuur |
In uitvoering en vooruit- betaald |
Niet aan het proces dienstbare mva |
Totaal |
|
|
Aanschafprijs 1-1-2025 |
a |
534,2 |
50,4 |
74,4 |
30,2 |
13,3 |
702,4 |
|
Cumulatieve afschrijvingen en waardeverminderingen 1-1-2025 |
b |
-336,4 |
-21,0 |
-39,2 |
0,0 |
-10,7 |
-407,3 |
|
Boekwaarde 1-1-2025 |
c=a+b |
197,8 |
29,4 |
35,2 |
30,2 |
2,6 |
295,1 |
|
Investeringen 2025 |
d |
8,2 |
0,5 |
3,5 |
7,1 |
0,1 |
19,4 |
|
Activering werk in uitvoering 2025 |
e |
26,5 |
1,8 |
0,6 |
-28,9 |
0,0 |
0,0 |
|
Aanschafwaarde desinvesteringen 2025 |
f |
0,0 |
0,0 |
0,0 |
0,0 |
0,0 |
0,0 |
|
Afschrijvingen 2025 |
g |
-18,3 |
-1,8 |
-7,4 |
0,0 |
-0,3 |
-27,8 |
|
Afschrijvingen desinvesteringen 2025 |
h |
0,0 |
0,0 |
0,0 |
0,0 |
0,0 |
0,0 |
|
Verschuiving cum. aanschafwaarden |
i |
-1,2 |
1,2 |
0,0 |
|||
|
Verschuiving cum. afschrijvingen |
j |
0,2 |
-0,2 |
0,0 |
|||
|
Aanschafprijs en terugname waardevermindering 31-12-2025 |
k=a+d+e+f+i |
567,7 |
53,9 |
78,5 |
8,4 |
13,4 |
721,8 |
|
Cumulatieve afschrijvingen en waardeverminderingen 31-12-2025 |
l=b+g+h+j |
-354,5 |
-23,0 |
-46,6 |
0,0 |
-11,0 |
-435,1 |
|
Boekwaarde 31-12-2025 |
m=k+l |
213,2 |
30,9 |
31,9 |
8,4 |
2,4 |
286,8 |
|
Afschrijvingspercentages (in %) |
0 - 12,5 |
3,3 - 10 |
6,7 - 50 |
0,0 |
0 - 12,5 |
||
Gestelde zekerheden
Aan de Staat der Nederlanden is de volgende zekerheid verstrekt: per 1 januari 2010 het recht van 1e hypotheek op een deel van het onroerend goed ter zekerheid van de opgenomen leningen, tot maximaal het bedrag van de nominaal openstaande schuld.
|
WOZ en verzekerde waarde gebouwen en terreinen (M€) |
2025 |
|
WOZ-waarde gebouwen en terreinen |
276,1 |
|
Verzekerde waarde gebouwen |
953,2 |
Bovenstaande WOZ-waardes hebben 1 januari 2024 als peildatum en zijn van toepassing op het belastingjaar 2025. De verzekerde waarde van de gebouwen is de geïndexeerde waarde op de polis per 1 juli 2025.
Financiële vaste activa
|
1.1.3 |
Financiële vaste activa (M€) enkelvoudig |
Boekwaarde |
Investeringen en verstrekte leningen |
Desinvesteringen en aflossingen |
Resultaat 2025 |
Boekwaarde |
|
Universiteit Twente Holding |
23,6 |
0,9 |
24,5 |
|||
|
1.1.3.1 |
Deelnemingen in groepsmaatschappijen |
23,6 |
0,0 |
0,0 |
0,9 |
24,5 |
|
OostNL |
1,4 |
1,4 |
||||
|
52° North |
0,1 |
0,1 |
||||
|
1.1.3.2 |
Overige deelnemingen |
1,5 |
0,0 |
0,0 |
0,0 |
1,5 |
|
Universiteit Twente Holding B.V. |
4,3 |
4,3 |
||||
|
De Hogekamp B.V. |
2,8 |
2,8 |
||||
|
ICSC/U Park hotel |
0,8 |
-0,1 |
0,7 |
|||
|
United Twente Innovations B.V. |
0,5 |
-0,1 |
0,4 |
|||
|
Reclassificatie 1) |
-0,2 |
0,1 |
-0,1 |
|||
|
1.1.3.3 |
Vorderingen op groepsmaatschappijen |
8,2 |
0,0 |
-0,1 |
0,0 |
8,1 |
|
PC-leningen |
0,1 |
0,1 |
-0,1 |
0,1 |
||
|
Noodfonds |
0,1 |
0,1 |
||||
|
Studiereis commissie |
0,0 |
0,2 |
-0,2 |
0,0 |
||
|
Reclassificatie 1) |
-0,2 |
-0,2 |
||||
|
1.1.3.8 |
Overige vorderingen |
0,0 |
0,3 |
-0,3 |
0,0 |
0,0 |
|
Totaal financiële vaste activa |
33,3 |
0,3 |
-0,4 |
0,9 |
34,1 |
- *De reclassificatie betreft het herrubriceren van de overige vorderingen met een looptijd korter dan 1 jaar naar de vlottende activa.
Vorderingen op groepsmaatschappijen
In 2020 is een leningsovereenkomst tussen de universiteit en Universiteit Twente Holding B.V. afgesloten met een maximaal te lenen bedrag van M€ 6,5 en een looptijd van 20 jaar. Na afloop van de overeenkomst vindt volledige aflossing van de hoofdsom ineens plaats. Jaarlijks dient over het onafgeloste deel van de lening een rente van 1,5% betaald te worden. De totaal uitstaande lening bij Universiteit Twente Holding B.V. is in 2025 niet gemuteerd en bedraagt per eind 2025 M€ 4,3.
Met De Hogekamp B.V. is in 2020 een leningsovereenkomst afgesloten voor een hoofdsom van M€ 3,25 met een looptijd van 40 jaar en jaarlijkse aflossing. De eerste aflossing heeft op 31 december 2020 plaatsgevonden. Vervroegde volledige aflossing is boetevrij toegestaan, evenals extra aflossingen met een minimum van k€ 50. De Hogekamp B.V. dient over de hoofdsom of het onafgeloste deel daarvan jaarlijks een rente van 2% te vergoeden. De totaal openstaande lening per eind 2025 is M€ 2,8 waarvan M€ 0,1 een kortlopend karakter heeft.
Met het Congres- en Studiecentrum Twente B.V. is in 2020 ten behoeve van het U-Park hotel een leningsovereenkomst voor een bedrag van maximaal M€ 1 afgesloten, waarvan uiteindelijk een bedrag van M€ 0,9 is opgevraagd. Aflossing van de lening vindt plaats in vijftien gelijke termijnen, waarvan de eerste op 1 januari 2023 is ontvangen. Over het bedrag van de geldlening of het onafgeloste gedeelte daarvan dient een rente van 2% per jaar betaald te worden. Per eind 2025 was de uitstaande lening M€ 0,7. Hiervan heeft M€ 0,1 een kortlopend karakter.
Voor de support van het TOP-programma is eind 2020 een overeenkomst voor een rekening courant tussen de universiteit en United Twente Innovations B.V. ter hoogte van k€ 535 aangegaan. Beide partijen hebben een derde partij bereid gevonden de financiering van het TOP-programma over te nemen. Indien deze derde partij een TOP-krediet herfinanciert of wanneer United Twente Innovations B.V. een rechtstreekse betaling uit hoofde van een TOP-krediet ontvangt, zal dit bedrag aan de universiteit worden overgemaakt. Per eind 2025 staat nog een vordering van k€ 375 open. In maart 2026 is een amendement aan de overeenkomst toegevoegd, waarbij de einddatum van de overeenkomst is gewijzigd naar 31 december 2030 en aflossing van het dan nog openstaande bedrag in één keer zal plaatsvinden. Over een openstaande vordering wordt geen rente in rekening gebracht.
Vlottende activa
Voorraden
|
1.2.1 |
Voorraden (M€) |
31-12-2025 |
31-12-2024 |
|
1.2.1.2 |
Gebruiksgoederen |
0,4 |
0,4 |
De gehanteerde kostprijsmethode voor de voorraadwaardering betreft FIFO (first in, first out).
Kortlopende vorderingen
|
1.2.2 |
Kortlopende vorderingen (M€) |
31-12-2025 |
31-12-2024 |
||
|
1.2.2.1 |
Debiteuren |
20,1 |
19,1 |
||
|
1.2.2.4 |
Vorderingen op groepsmaatschappijen |
1,6 |
1,7 |
||
|
1.2.2.7 |
Vorderingen op studenten |
0,6 |
0,7 |
||
|
1.2.2.8 |
Overige overheden |
2,4 |
0,6 |
||
|
1.2.2.9 |
Waardering onderhanden projecten |
24,0 |
25,0 |
||
|
Lasten Werk voor derden |
121,9 |
110,0 |
|||
|
Vooruitgefactureerde en -ontvangen termijnen |
-97,9 |
-85,0 |
|||
|
1.2.2.10 |
Overige vorderingen: |
3,8 |
3,8 |
||
|
Kortlopende vorderingen financiële vaste activa |
0,3 |
0,2 |
|||
|
Overige vorderingen |
3,5 |
3,6 |
|||
|
1.2.2.11 |
Belastingen |
0,1 |
0,1 |
||
|
1.2.2.12 |
Vooruitbetaalde bedragen |
7,1 |
5,8 |
||
|
Subtotaal kortlopende vorderingen |
59,7 |
56,8 |
|||
|
1.2.2.16 |
Voorziening wegens oninbaarheid |
-1,1 |
-0,9 |
||
|
Totaal kortlopende vorderingen |
58,6 |
55,9 |
|||
In bovenstaand overzicht van vorderingen zijn geen posten opgenomen met een resterende looptijd langer dan 1 jaar. De boekwaarde van de opgenomen vorderingen benadert de reële waarde, gegeven het kortlopende karakter van de vorderingen en het feit dat waar nodig voorzieningen voor oninbaarheid zijn gevormd.
Het verloop van de voorzieningen wegens oninbaarheid is als volgt:
|
1.2.2.16 |
Voorziening wegens oninbaarheid (M€) enkelvoudig |
2025 |
2024 |
|
Saldo per 1 januari |
-0,9 |
-0,7 |
|
|
Onttrekking |
0,5 |
0,1 |
|
|
Vrijval |
0,1 |
0,1 |
|
|
Dotatie |
-0,8 |
-0,4 |
|
|
Saldo per 31 december |
-1,1 |
-0,9 |
Liquide middelen
|
1.2.4 |
Liquide middelen (M€) enkelvoudig |
31-12-2025 |
31-12-2024 |
|
1.2.4.1 |
Kasmiddelen |
0,0 |
0,0 |
|
1.2.4.2 |
Tegoeden op bankrekeningen |
3,0 |
10,7 |
|
1.2.4.3 |
Rekening courant tegoed Schatkistbankieren |
174,5 |
123,4 |
|
Totaal liquide middelen |
177,5 |
134,1 |
Onder de liquide middelen zijn onder meer deposito’s opgenomen die direct opvraagbaar zijn. Het volledige bedrag aan liquide middelen staat ter vrije beschikking aan de universiteit.
Passiva
Eigen vermogen
|
2.1 |
Eigen vermogen (M€) |
Stand per 1-1-2025 |
Resultaat |
Overige mutaties |
Stand per 31-12-2025 |
|
2.1.1.1 |
Algemene reserve (publiek) |
126,6 |
21,7 |
148,3 |
|
|
2.1.1.2 |
Bestemmingsreserve (publiek): |
||||
|
Universiteit Twente - instellingsplan 2026-2032 |
0,0 |
2,0 |
2,0 |
||
|
2.1.1.3 |
Bestemmingsreserve (privaat): |
||||
|
Universiteit Twente Holding B.V. |
23,6 |
0,9 |
24,5 |
||
|
2.1.1.4 |
Bestemmingsfonds: |
||||
|
Universiteit Twente - Employability fund |
0,0 |
2,1 |
2,1 |
||
|
Totaal Eigen Vermogen |
150,2 |
26,7 |
0,0 |
176,9 |
Ingevolge artikel 2.9 lid 4 van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek is het positieve resultaat over het boekjaar 2025 van M€ 26,7 toegevoegd aan de reserves.
Het verschil in Eigen Vermogen per balansdatum tussen de geconsolideerde en enkelvoudige cijfers wordt veroorzaakt door het Minderheidsbelang derden, welke voort komt uit de cijfers van de Universiteit Twente Holding B.V..
|
2.1 |
Eigen vermogen (M€) |
Stand per 1-1-2024 |
Resultaat |
Overige mutaties |
Stand per 31-12-2024 |
|
2.1.1.1 |
Algemene reserve (publiek) |
129,5 |
-2,9 |
126,6 |
|
|
2.1.1.3 |
Bestemmingsreserve (privaat): |
||||
|
Universiteit Twente Holding B.V. |
24,5 |
-0,9 |
23,6 |
||
|
Totaal Eigen Vermogen |
154,0 |
-3,8 |
0,0 |
150,2 |
Bestemmingsreserve (publiek)
Ten behoeve van de uitvoering van het nieuwe instellingsplan van de Universiteit Twente voor de periode 2026 tot en met 2032 is een bedrag van M€ 2,0 gereserveerd en als publieke bestemmingsreserve gepresenteerd.
Bestemmingsreserve (privaat)
De per 31 december 2025 gevormde bestemmingsreserve voor de gelieerde onderneming Universiteit Twente Holding B.V. geeft de vermogenspositie van deze onderneming weer en is bestemd voor het opvangen van mogelijke toekomstige tekorten van de onderneming.
Bestemmingsfonds
In de sinds 1 juli 2025 van toepassing zijnde cao Nederlandse universiteiten zijn afspraken gemaakt over een fonds voor het bevorderen van employability bij werknemers van universiteiten. De Universiteit Twente heeft het op haar van toepassing zijnde bedrag uit boekjaar 2025 als bestemmingsfonds gereserveerd binnen het eigen vermogen.
Voorzieningen
|
2.2 |
Voorzieningen (M€) enkelvoudig |
Stand per 1-1-2025 |
Dotaties |
Onttrekkingen |
Vrijval |
Stand per 31-12-2025 |
|
2.2.1 |
Personele voorzieningen |
|||||
|
ERD-WGA |
4,9 |
0,7 |
-0,6 |
-0,9 |
4,2 |
|
|
WW en BW-WW |
2,0 |
2,0 |
-1,1 |
-0,7 |
2,2 |
|
|
Transitievergoeding |
3,0 |
2,1 |
-0,9 |
-0,3 |
3,9 |
|
|
Sabbatical Leave |
0,2 |
0,0 |
0,0 |
0,0 |
0,2 |
|
|
UT-jubilea |
3,2 |
1,3 |
-0,4 |
-0,1 |
3,9 |
|
|
Reorganisatie |
7,3 |
2,8 |
-1,1 |
-3,2 |
5,8 |
|
|
Vitaliteitspact |
1,4 |
0,5 |
-0,2 |
-0,5 |
1,2 |
|
|
Totaal voorzieningen |
22,0 |
9,3 |
-4,2 |
-5,8 |
21,3 |
|
|
Onderverdeling totaalsaldo 31-12-2025: |
||||||
|
< 1 jaar |
8,8 |
|||||
|
1-5 jaar |
9,8 |
|||||
|
> 5 jaar |
2,7 |
|||||
|
Totaal |
21,3 |
Langlopende schulden
|
2.3 |
2.3.5 |
2.3.7 |
|
|
Langlopende schulden (M€) |
Ministerie van Financiën |
Overig |
Totaal |
|
Nominale waarde aangegane leningen 1-1-2025 |
150,0 |
1,9 |
151,9 |
|
Cumulatieve aflossingen 1-1-2025 |
-68,6 |
0,0 |
-68,6 |
|
Stand per 1-1-2025 |
81,4 |
1,9 |
83,3 |
|
Aangegane leningen |
0,0 |
0,0 |
0,0 |
|
Aflossingen |
-5,3 |
-0,2 |
-5,5 |
|
Stand per 31-12-2025 |
76,1 |
1,7 |
77,8 |
|
Kortlopend deel langlopende schulden 31-12-2025 |
5,3 |
0,1 |
5,4 |
|
Stand langlopende schulden per 31-12-2025 |
70,8 |
1,6 |
72,4 |
|
Onderverdeling stand per 31-12-2025: |
|||
|
Looptijd 1-5 jaar |
21,1 |
0,5 |
21,6 |
|
Looptijd > 5 jaar |
49,7 |
1,1 |
50,8 |
Het kortlopende deel (< 1 jaar) is opgenomen bij de Kortlopende Schulden.
Onderstaande tabel geeft een weergave van de aangegane leningen, jaarlijkse aflossingen en te betalen rente:
|
Lening enkelvoudig (M€) |
Nominale waarde |
Einddatum |
Aflossing per jaar |
Rente |
Rentevast t/m jaar |
|---|---|---|---|---|---|
|
Ministerie van Financiën lening 1 |
90,0 |
3-1-2039 |
3,2 |
2,65% |
2039 |
|
Ministerie van Financiën lening 2 |
25,0 |
3-1-2039 |
0,9 |
0,10% |
2039 |
|
Ministerie van Financiën lening 3 |
35,0 |
2-1-2041 |
1,2 |
0,10% |
2041 |
|
Rijksdienst voor Ondernemend Nederland |
1,9 |
31-12-2039 |
0,1 |
0,00% |
n.v.t. |
Onder post 2.3.7 ‘Overig’ wordt een overeenkomst met de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland verantwoord inzake een opgenomen Toekomstfondskrediet Onderzoeksfaciliteiten (TOF-krediet). De universiteit heeft deze overeenkomst in 2016 met de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland afgesloten. De lening wordt aangewend om investeringen in het NanoLab mee te financieren. Per eind 2024 was een bedrag van M€ 1,9 ontvangen. Dit bedrag wordt met ingang van boekjaar 2025 in 15 jaarlijkse termijnen aan de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland terugbetaald. Per eind 2025 stond nog een bedrag van M€ 1,7 open waarvan M€ 0,1 vervalt binnen één jaar.
Gestelde zekerheden
Aan de Staat der Nederlanden is de volgende zekerheid verstrekt: per 1 januari 2010 het recht van 1e hypotheek op een deel van het onroerend goed ter zekerheid van de opgenomen leningen, tot maximaal het bedrag van de nominaal openstaande schuld.
Kortlopende schulden
|
2.4 |
Kortlopende schulden (M€) |
31-12-2025 |
31-12-2024 |
||
|
2.4.1 |
Schulden aan groepsmaatschappijen |
0,0 |
0,1 |
||
|
2.4.5 |
Schulden aan Ministerie van Financiën *) |
5,3 |
5,3 |
||
|
2.4.7 |
Vooruitgefactureerde termijn projecten |
91,8 |
94,6 |
||
|
Vooruitgefactureerde en -ontvangen termijnen |
252,0 |
216,7 |
|||
|
Lasten Werk voor derden |
-160,2 |
-122,1 |
|||
|
2.4.8 |
Crediteuren |
7,5 |
12,0 |
||
|
2.4.9 |
Belastingen en premies sociale verzekeringen |
9,8 |
8,5 |
||
|
Loonheffing |
4,8 |
4,6 |
|||
|
Omzetbelasting |
2,3 |
1,3 |
|||
|
Premies sociale verzekeringen |
2,6 |
2,5 |
|||
|
Overige belastingen |
0,1 |
0,1 |
|||
|
2.4.10 |
Schulden ter zake pensioenen |
4,3 |
4,3 |
||
|
2.4.11 |
Schulden ter zake van werk voor derden |
4,9 |
2,5 |
||
|
2.4.12 |
Overige kortlopende schulden |
6,0 |
6,4 |
||
|
2.4.13 |
Vooruit ontvangen collegegelden |
21,0 |
21,3 |
||
|
2.4.16 |
Vooruit ontvangen bedragen |
90,6 |
67,6 |
||
|
2.4.17 |
Vakantiedagen/-geld |
38,5 |
37,0 |
||
|
2.4.19 |
Overlopende passiva |
7,1 |
9,1 |
||
|
Totaal kortlopende schulden |
286,8 |
268,7 |
|||
- *Bij Schulden aan Ministerie van Financiën is het kortlopende deel (< 1 jaar) opgenomen van de langlopende schuld.
In bovenstaand overzicht van kortlopende schulden zijn geen posten opgenomen met een resterende looptijd langer dan 1 jaar.
Niet in de enkelvoudige balans opgenomen activa en verplichtingen
Voor een toelichting wordt verwezen naar de toelichting op de geconsolideerde jaarrekening.