Resultaten en impact
Promoties en refereed publicaties
De stijging van het aantal promoties komt door de toename van externe financiering in eerdere jaren. De instroom van promovendi, niet in de grafiek, is sterk gedaald, van 453 in 2024 naar 292 in 2025. Dit wordt onder andere veroorzaakt door de afloop van het Groeifonds en het wegvallen van de starters- en stimuleringsbeurzen per 1 januari 2025. De reorganisatie binnen de faculteit TNW vroeg verder om extra aandacht voor de continuïteit van begeleiding van promovendi. Waar nodig is vervangende begeleiding georganiseerd om de voortgang van promotietrajecten te waarborgen.
De EngD-programma’s zijn met hun focus op technische ontwerpvraagstukken uit de industrie een voorbeeld van vraag gedreven impact. Het is een tweejarige postmaster ontwerpersopleiding die in samenspraak met het bedrijfsleven mensen opleidt die in staat zijn hoogwaardige, creatieve en vernieuwende ontwerpen te maken voor complexe ontwerpersvraagstukken met een multidisciplinair karakter.
Bron: Hora Finita
- *Van de 299 PhD promoties is er één joint doctorate waarbij de promovendus het proefschrift niet aan de UT, maar bij een buitenlandse instelling heeft verdedigd.
In 2025 heeft de UT het predicaat cum laude bij promoties afgeschaft, een besluit dat deel uitmaakt van een bredere vernieuwing van het promotiereglement, gericht op een eerlijker en transparanter promotietraject. De aanleiding om het verschaffen van cum laude hierin mee te nemen was de constatering dat het systeem voor het toekennen van cum laude gevoelig is voor subjectieve beoordeling en ongelijke kansen. Het besluit leidde tot een brede publieke discussie. Waar sommigen het zien als een eerlijker systeem om wetenschappelijke excellentie te waarderen, vrezen anderen dat hiermee juist een belangrijk middel om uitzonderlijke wetenschappelijke prestaties te erkennen, verdwijnt.
In 2025 zijn aanvullende maatregelen in gang gezet om begeleiding, voortgangsbewaking en verwachtingen in het promotietraject te verduidelijken. Doel is de doorlooptijd te verkorten zonder in te leveren op kwaliteit. Een belangrijke ontwikkeling daarin is ook dat universitair hoofddocenten (UHD’s) met een vaste aanstelling het ius promovendi hebben gekregen. Zij mogen voortaan zelfstandig doctorstitels toekennen. Hiermee wordt recht gedaan aan de inhoudelijke verantwoordelijkheid die UHD’s al dragen in het opleiden van promovendi. De interne training Supervising PhD’s stond in 2025 in de top drie van meest populaire trainingen.
Het aantal refereed publicaties benadrukt onze wetenschappelijke productiviteit en de kwaliteit van ons onderzoek. Publicatie vindt plaats na een peerreviewproces waarin onafhankelijk experts de originaliteit, methodologische zorgvuldigheid en maatschappelijke relevantie beoordelen. In 2025 zijn 3.161 refereed publicaties verschenen. Het gaat niet om de UT alleen. Volgens de Leiden ranking werkt de UT bij 10,3% van haar publicaties samen met de industrie. Dit percentage is lager dan dat van de drie andere technische universiteiten, maar hoger dan het percentage van de andere universiteiten.
Open science, open access en fair data
Met Open Science streven we ernaar om wetenschap toegankelijker te maken en het bereik van onze wetenschappelijke output te maximaliseren. Ons streven naar meer samenwerking en hergebruik van kennis en transparantie staat centraal, niet alleen tussen onderzoekers en disciplines, maar ook in de samenleving als geheel. We stimuleren bijdragen aan Open Science – zoals open datasets en software, citizen science en publieke betrokkenheid – zo veel mogelijk, onder meer door onderzoekers hiervoor te waarderen. Een analyse in 2025 heeft in beeld gebracht waar Open Science al voldoende is verankerd en waar aanvullende stappen nodig zijn om dit verder te versterken.
Onze ambitie is om Open Access (OA)-publiceren de norm te maken. UT-auteurs maken al hun wetenschappelijke publicaties OA, bij voorkeur meteen met een licentie voor hergebruik, maar in ieder geval zes maanden na de eerste publicatiedatum. Gesloten publicaties worden in UT Research Information na zes maanden automatisch open, tenzij een auteur kiest voor een opt-out. In 2025 is het UT beleid uitgebreid, waardoor nu ook voor gastauteurs deze regeling geldt. Een mooie stap richting duurzaam OA publiceren. Omdat cijfers over 2025 nog niet beschikbaar zijn, presenteren we hier de gegevens tot en met 2024.
Bron: UT Research Information
Bron: UT Research Information System (Pure)
Hoewel er voor UT-auteurs veel mogelijkheden zijn kosteloos Open Acces te publiceren in wetenschappelijke tijdschriften van hoge kwaliteit, worden toch vaak kosten gemaakt voor OA. Om deze onnodige kosten te voorkomen, extra belangrijk in de huidige financiële krapte, is voor onze wetenschappelijke gemeenschap een handleiding ontwikkeld.
Open Science publiceren vraagt ook om het FAIR maken van onderliggende onderzoeksdata. FAIR data voldoen aan principes van vindbaarheid, toegankelijkheid en interoperabiliteit om daarmee het hergebruik van data te optimaliseren. In 2025 is de stijgende lijn van het aantal UT-datasets (gearchiveerde datasets) en het aantal beschrijvingen van die data (metadata) voortgezet. [*] Vijf UT wetenschappers hebben een bijdrage uit het FAIR Data Fund verworven van het 4TU.ResearchData platform.
- *Mede doordat een iets andere werkwijze is gekozen, zie legenda, wijken de getallen van voorgaande jaren iets af van wat vorig jaar is gepubliceerd. Daarnaast is de gegevensset sowieso dynamisch; de informatie in Pure wordt actief onderhouden door middel van (retrospectieve) correcties en aanvullingen of wijzigingen.
In 2025 is nieuw beleid voor Research Software Management (RSM) opgesteld waardoor een duidelijk institutioneel kader werd gecreëerd voor verantwoorde omgang met software als output van onderzoek. Het markeert de start van een vierjarig project rond open research software met een sterke focus op interoperabiliteit. Verder verschenen:
Een richtlijn voor het anoniem maken van onderzoeksgegevens.
Een research data management gids en checklist voor studenten.
Ook vonden in 2025 opnieuw Software Carpentry Workshops plaats. Vanaf dit moment zal ieder proefschrift een ‘Research Data and Software Availability Statement’ bevatten, waarin wordt aangegeven waar de bijbehorende onderzoeksdata en –software vindbaar zijn.
Kennisveiligheidsrisico’s en morele dilemma’s bij samenwerking
De UT neemt maatregelen om ongewenste impact bij samenwerkingen te voorkomen en zal geen nieuwe samenwerking starten wanneer ongewenste impact niet kan worden voorkomen. Dit gebeurt bijvoorbeeld door preventie bij het voorbereiden van contracten, export- en sanctiescreening, risicomanagement in relatie tot partners en sensitieve onderzoeksgebieden. In 2025 is, op het gebied van werving en selectie, nieuw pre-employment screeningsbeleid opgesteld; kennisveiligheid maakt daar integraal onderdeel vanuit.
Om helderheid te brengen in de steeds complexer wordende vraagstukken rondom ethisch en morele samenwerkingen, is in 2025 een nieuwe adviescommissie ingesteld rondom institutionele samenwerking en morele dilemma’s, binnen een overkoepelende en integrale adviesstructuur. Of het nu gaat om samenwerking met landen in conflictgebieden, onderzoek gefinancierd door de fossiele of tabaksindustrie of om medisch ethische kwesties: door een integrale aanpak worden samenwerkingen vanuit verschillende perspectieven belicht en zetten we ons in voor bevordering van de transparantie in de besluitvorming.
Een van de besluiten die in 2025 tot stand kwam, is het besluit dat nieuwe projecten met partners uit conflictgebieden alleen kunnen starten wanneer ze aantoonbaar bijdragen aan het beschermen van mensenrechten, wederopbouw, conflictresolutie of tot doel hebben om bij te dragen aan het verminderen van humanitair leed. Ook is positief geadviseerd over een nieuwe samenwerking met een partner in de fossiele industrie omdat het onderzoek bij zal dragen aan de energietransitie. We werken slechts met partijen in de fossiele industrie samen wanneer de intentie is om door nieuwe inzichten de winning en uitstoot van fossiele grondstoffen terug te brengen.
Vanwege de steeds complexere wet- en regelgeving, de toegenomen maatschappelijke bewustwording en druk, en de noodzaak om de risico’s van samenwerking goed te kunnen beoordelen, is in 2025 tevens besloten om de kennisveiligheidscheck verplicht te maken voor alle vormen van internationale samenwerking. In deze overgangsperiode van 2025 zijn er in totaal 213 kennisveiligheidschecks uitgevoerd, waarvan 55 als casus verder zijn behandeld.
De UT heeft bovendien in 2025 een nieuw beleid voor samenwerking met Chinese partners opgesteld naar aanleiding van vragen over kennisveiligheid, geopolitieke ontwikkelingen en risico’s van samenwerking. Dit beleid helpt om zorgvuldig te bepalen welke kansen worden benut en hoe daarbij de risico’s worden beperkt. De focus ligt daarbij allereerst op projecten die plaatsvinden in de context van maatschappelijke thema’s zoals energie en klimaat, voedsel, water en landbouw, gezondheid en zorg, en duurzaamheid en biodiversiteit, maar sluit andere samenwerkingen niet uit. De UT blijft dus samenwerken met Chinese partners maar niet met universiteiten die zeer verweven zijn met de militaire sector in China.
Ondernemerschap, overdracht van kennis en technologie
Het Knowledge Transfer Office (KTO) van de UT helpt onderzoekers bij het creëren van impact vanuit het onderzoek door kennis over te dragen aan bestaande of nieuwe bedrijven. Het KTO is verantwoordelijk voor de initiële screening van de resultaten op potentiële marktkansen en kan als dit voor de business case nodig is overgaan tot het beschermen van de kennis middels een octrooiaanvraag. Wanneer de kennis wordt overgedragen aan spin-offs in ruil voor aandelen, dan worden deze aandelen ondergebracht bij de University of Twente Holding (UTH). UTH heeft op dit moment 48 spin-offs in portefeuille. Naast het oprichten van spin-off bedrijven draagt het KTO ook kennis over aan bestaande bedrijven. In 2025 is het volgende gerealiseerd:
82 onderzoekers namen deel aan het Entrepreneurial Researcher Program.
24 nieuwe octrooiaanvragen ingediend.
8 NWO Take-off fase 1 subsidies binnengehaald en
6 vouchers uit de Thematische Technology Transfer programma’s verworven.
10 nieuwe spin-offs opgericht: Circular Mind Games (faculteit BMS), Angard Microwave BV, Radiosense BV, Xerani Ltd (faculteit EEMCS), Orthevo BV (faculteit ET), CarbSorbTec BV, M3Nephron BV, REX Optics BV, Sabratha BV, QSA Technology BV (faculteit S&T).
17 kennistransferdeals met bestaande bedrijven.
M€ 62 aan vervolgfinanciering opgehaald door de diverse spin-offs.
De inkomsten uit licenties en overdrachten bedragen in 2025 k€ 400, een verdubbeling ten opzichte van vorig jaar. In 2025 heeft het KTO bovendien een leidende rol gehad in het aanscherpen van de nationale dealterms voor overdracht van intellectueel eigendom aan spin-offs. Dit heeft ertoe geleid dat alle Nederlandse universiteiten deze dealterms gaan gebruiken.
Door kleine investeringen te doen in venture capital-fondsen verbindt UTH deze aan het Twentse ecosysteem. In 2025 gebeurde dit twee keer in het MedTech domein. Daarnaast draagt UTH bij aan de realisatie van een MedTech Factory en de verdere ontwikkeling van New Origin, de productiefaciliteit van fotonische chips die hiervoor al ter sprake kwam.
RENT 2025-conferentie
De 2025 editie van de conferentie Research in Entrepreneurship and Small Business vond plaats op de campus van de UT. De vakgroep Entrepreneurship & Technology Management (ETM) van faculteit BMS organiseerde dit jaar Europa’s grootste conferentie over ondernemerschap. De vakgroep organiseerde deze toonaangevende Europese conferentie voor onderzoek naar ondernemerschap in samenwerking met Hogeschool Saxion, de European Council for Small Business (ECSB) en het European Institute for Advanced Studies in Management (EIASM). Wij verwelkomden meer dan 300 deelnemers op onze campus voor drie dagen van academische uitwisseling, levendige discussies en verdieping van samenwerking.
Het KTO en ook UTH werkt nauw samen met Novel-T. Novel-T is een samenwerking tussen UT, Hogeschool Saxion, provincie Overijssel, Twente Board en de gemeente Enschede. Via programma’s en 1-op-1 support helpt Novel-T nieuwe bedrijven ontstaan en bestaande bedrijven vernieuwen en groeien, het kwam al ter sprake in het ondernemerschapsonderwijs. Vanuit dit brede perspectief:
Inspireert Novel-T ieder jaar minimaal 4.500 personen om te vernieuwen en begeleidde in 2025 meer dan 350 business cases. START Advanced bijvoorbeeld ondersteunde 35 nieuwe deelnemers in haar programma.
Novel-T organiseerde in 2025 een aantal internationale missies naar onder andere CES Las Vegas/ Silicon Valley, Slush Helsinki en Hello Tomorrow in Parijs. Daarnaast organiseerde Novel-T een aantal alumni-reizen naar bijvoorbeeld Londen en Toronto waar zij i.s.m. met RVO en 4TU start-ups een podium biedt en hen verbindt aan investeerders en andere experts.
Op onze campus vond voor de derde keer Enschede Slush’D plaats, het satellietevenement van Slush, ‘s werelds grootste start-up conferentie. Het motto was in 2025 “Making History”. Het event groeide verder naar circa 700 bezoekers waarvan meer dan 350 start-up founders en 100 investeerders, 55 sprekers en 10 side-events.
Ondernemerschap wordt verder gestimuleerd door events waar regionale clusters rondom Medtech, Chiptech, Mechatronica en Robotica een belangrijk plaats hebben. Te denken valt aan kennisevents over AI en waardegedreven zorg, het MedTech Talent event, de MST Bedrijvendag en de busreis naar de MEDICA. Hoogtepunt was het Exchange Dinner, voorafgaand het TechMed Event, over crossborder innovatie.
Het Twentse internationale ondernemersnetwerk werd in 2025 uitgebreid door samenwerking met UT’s strategische partners in Waterloo en Münster. Novel-T heeft de krachten gebundeld met Velocity, het ondernemerschapscentrum van de University of Waterloo. Door deze alliantie kunnen jonge bedrijven sneller internationale markten betreden aan beide zijden van de Atlantische Oceaan.
Ook dichter bij huis werd het ecosysteem uitgebreid. De UT werd partner in de nieuw opgerichte R-Factory in de samenwerking met Münster: een grensoverschrijdend ondernemersplatform dat start-ups in de Euregio ondersteunt. Hiermee bouwen we verder aan een sterk, internationaal verbonden innovatie-ecosysteem waarin ondernemers kunnen opschalen van regionaal talent naar Europese impact.
Het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat verlengt haar investering in het Nationale Thematische Technologie Transfer (TTT) programma met een nieuwe vijfjaarperiode. TTT is een programma waarin universiteiten samenwerken met investeerders om onderzoekers te ondersteunen bij de oprichting van spin-offs. Ook het TTT MedTech, geleid door de UT, wordt hierdoor voortgezet.
Citizen science en zichtbaarheid
Een doel dat de UT scherp voor ogen houdt, is de transitie naar een vierde generatie universiteit: een universiteit die structureel samenwerkt met de wereld om haar heen. Het citizen science-programma Civic & Citizen Science en het regionale project PRO BONO richten zich op het actief betrekken van inwoners van Oost-Nederland bij onderzoek naar maatschappelijke uitdagingen op het gebied van gezondheid, sociale cohesie en duurzaamheid. Dankzij financiële steun in 2025 van de Provincie Overijssel (k€ 40) en NWO (k€ 400) werken inwoners, onderzoekers en beleidsmakers samen in meerdere projecten en leergemeenschappen, waarin lokale kennis en ervaring centraal staan en onderzoek direct toepasbaar is in de leefomgeving.
Quantum voor Iedereen in Enschede
Hare Majesteit Koningin Máxima woonde in april het publieksevenement Quantum voor Iedereen bij in Enschede. We organiseerden het evenement samen met Quantum Delta NL in het kader van World Quantum Day. Dit is een initiatief om quantumfysica en -technologie toegankelijk te maken voor een breder publiek. Het evenement belichtte honderd jaar quantumfysica. Een interactieve insteek met demonstraties en live experimenten benadrukte dat quantumfysica niet alleen voor specialisten is, maar ook interessant én begrijpelijk kan zijn voor iedereen.
Om onze zichtbaarheid te vergroten en wetenschap dichter bij de maatschappij te brengen nemen we deel aan evenementen en treden wetenschappers op in de media. Zo droegen UT’ers bij aan het Bevrijdingsfestival Overijssel en aan de Zwarte Cross. Video’s zijn gedeeld via de Universiteit van Nederland waar wetenschap op een toegankelijke manier wordt gedeeld met een groot publiek. Op het UT Stories-platform doen we dat zelf. Ter stimulering van media-aandacht is de UT in de Mediaprijs ingesteld. In 2025 won Islam Khalil, die veel in het nieuws was met zijn onderzoek naar hoe zaadcellen kunnen worden omgevormd tot microrobots. In de bijlage zijn alle prijswinnaars opgenomen.
Geldstromen
Ondanks landelijke bezuinigingen was het onderzoeksbudget dat we van het Rijk ontvingen relatief stabiel. Het sectorplan Bèta en Techniek 1 is afgelopen, de middelen zijn ingedaald in onze vaste voet. Hiermee was 2025 ook het laatste jaar waarin de UT werd gecompenseerd voor richtingen die niet van sectorplanmiddelen gebruik konden maken. In 2025 heeft de UT intern een nieuw verdeelmodel onderzoeksmiddelen vastgesteld dat zal zorgen voor meer stabiliteit in de bekostiging van faculteiten.
De omzet tweede geldstroom daalde van M€ 37 in 2024 naar M€ 36,9 in 2025. NWO-financiering is geanalyseerd en gebenchmarkt. Bij de persoonlijke subsidies (Veni, Vidi, Vici) was in 2025 een sterke stijging te zien. De UT verkrijgt de meeste subsidies uit het NWO-domein Exacte en Natuurwetenschappen (ENW), gevolgd door het domein Toegepaste en Technische Wetenschappen (TTW).
De omzet derde geldstroom steeg van M€ 82,6 in 2024 naar M€ 93,0 in 2025. Het jaar 2025 toont een toegenomen marktaandeel (in de omzet) van landelijke universitaire derde geldstroom. Deze is bovenal te danken aan langjarige projecten die veelal in 2023 en 2024 werden verworven (en tot 2029 lopen); er zijn vanaf 2025 minder nieuwe projecten binnengehaald. Wat karakteristieken:
Uit het Europese Horizon programma ontving de UT de afgelopen jaren het meest uit de excellentie middelen (bovenal persoonlijke subsidies zoals ERC’s). Uit het budget voor ‘Global challenges’ is de UT succesvol in ‘Digital, industry and space’ en ‘Climate, energy and mobility’.
Het programma Topsectoren, en daarbinnen bovenal HTSM, leverde de UT de afgelopen jaren M€ 63 op waarvan 90% bijdraagt aan de gekozen impact domeinen. Er waren 83 MKB-bedrijven en 55 grote ondernemingen betrokken bij één of meerdere projecten, net als 11 stichtingen, zeven ziekenhuizen en tien publieke organisaties.
Gedreven door de financieel moeilijke tijd stuurt de UT op een netto positieve financieringsmix. Dit doen we door een focus op derde gelstroommiddelen en projecten met een hoge dekkingsbijdrage. Projecten met een negatieve dekkingsbijdrage, met name MSCA, kwamen hierdoor soms in de knel. Het is een dilemma: interessante onderzoeken die financieel niet of minder aantrekkelijk zijn versus ‘veiliger’ onderzoek, wellicht minder baanbrekend, maar wel financieel gedekt.
Ook de reorganisaties bij de faculteiten TNW en ITC leidden in 2025 tot zorgen bij financiers van lopend onderzoek. De sectorplan-commissie besteedde aandacht aan de continuïteit van uit het sectorplan gefinancierde posities. Financiers in de tweede en derde geldstroom waren bezorgd over de voortgang van lopend onderzoek en bedrijven spraken hun zorgen uit. Inmiddels zijn hierover afspraken gemaakt en waarborgen getroffen. Keuzes zijn gemaakt om de organisatie voor de langere termijn financieel gezond te kunnen houden.